wat ga je doen vandaag/wat heb je gedaan?
- uitslapen
- oliebol/appelflap eten
- naar familie toe
- naar vrienden toe
- gourmetten/pizzaretten/fondue/…
- wandelen
- schoonmaken
- op de bank hangen
- sporten
- sport op tv kijken
- alcohol drinken
- goede voornemens bespreken
- werken
- uitgebreid koken
- eten bestellen
- restjes van de afgelopen dagen opeten
- spelletjes doen
- vroeg naar bed vanavond
0 stemmers
ben je brak vandaag?
- ja, fml
- nee, maar wel moe
- nee, ik ben topfit
0 stemmers
moet je morgen werken?
- ja, en daarna weekend
- ja, en ook in het weekend werken
- nee, ik ben morgen vrij maar het weekend niet
- nee, ben het hele weekend vrij
0 stemmers