Ik werk 4 dagen en doe een tweede bachelor in deeltijd (1 collegedag, in de middag en avond en ik volg nog 2 avondvakken versneld) online. Ik volg zo veel mogelijk vakken omdat ik eigenlijk eind volgend jaar wel klaar wil zijn, maar dat wordt wel krap (ik wil in 2 jaar in plaats van 4 jaar afronden).
Ik denk dat het er heel erg vanaf hangt wat je met de studie wilt bereiken. In jouw geval klinkt het alsof je in de toekomst nog wel eens wat anders zou willen, dus je doel is duidelijk. Zou wel heel concreet gaan uitzoeken met een studieadviseur (van de opleiding die je gaat volgen) hoe je het voor je ziet.
Ik merk zelf dat ik het aan de ene kant wel fijn vind om online colleges te volgen, maar ook dat de opleiding (docenten eigenlijk) nog moeite hebben met hoe ze die online uurtjes nuttig kunnen vullen. Het is dat ik deze opleiding echt nodig heb voor mijn werk, maar dat “romantische” idee van online lessen volgen is bij mij wel vrij snel verdwenen.
Daarnaast is mijn grootste ergernis dat de studie deeltijd is (dus veelal gericht op oudere studenten met werkervaring), maar de opdrachten en stof wel echt het niveau hebben dat bij studenten die vers van de havo afkomen past. Voel me niet echt uitgedaagd. Voordeel is dus wel dat je je opleiding bijna altijd zelf kan inrichten, dus dan kan je je studielast wat meer of minder maken.
Dit helpt me wel al wat verder.
. Het bevalt me heel erg. Het was in het begin wel heel erg wennen, want je moet wel zelf je planning maken en zorgen dat je mee bent met de leerstof (in dagonderwijs heb je lessen die je daaraan herinneren en verplichten), maar dat is tegelijkertijd ook de charme. Ik kan veel efficiënter studeren, want je kan tijd besteden aan de dingen die je lastig vindt en minder aan wat goed gaat. En je kan zelf kiezen wanneer je studeert. Soms doe ik een week heel veel en dan weer een week weinig. Maar het is vaak wel meer zoeken en uitpluizen, iets minder op je schoot gebracht. Het is imo zeker haalbaar, maar het hangt heel erg af van je motivatie en hoeveel studiepunten je opneemt.
. Zoals de Franse minister van financiën in 1669
. Het is echt heel interessant allemaal, maar omdat het zo veel is, worden heel veel belangrijke dingen terloops vermeld (en dan vaak bv. een terloopse verwijzing naar een oorlog, een vredesverdrag of een naam met een jaartal, zonder enige context, maar er wordt verondersteld dat we die achtergrond wel weten, lang leve Wikipedia) en we moeten alles kennen. Je zou over ieder hoofdstuk een heel vak kunnen geven.
en ik wil absoluut niet dat dat meer word.
Zo’n opluchting he!