Ik maak nooit het laatste restje eten/shampoo/wat dan ook op, geen idee waarom. Heb daardoor altijd een hele collectie nagenoeg lege flessen die bij elke douchebeurt van de wand pleuren
Het koesteren van wrok heb ik uitgevonden
Ik let te veel op anderen dus ik zie al je maniertjes. Die koppel ik dan terug terwijl niemand dat van zichzelf wil weten. Een vriendin van me drinkt met dâr tong in haar glas, hoe dan? Dat zeg ik dan ook elke keer
Ik ben het tegenovergestelde van materialistisch en dat vinden mensen het toppunt van ongezelligheid (ik zweer dat ik geen gier ben, ik koop alleen cadeaus voor anderen). Heb gewoon geen zin om dingen in bezit te hebben en die te moeten schoonmaken terwijl ik in een bezemkast woon. Dus nee, als we samen naar een kerstmarkt gaan koop ik niet iets omdat jij dat gezelliger vindt
Ik moet altijd overal controle over hebben en als dat niet zo is word ik heel dwingend. Is helemaal niet eerlijk, maar ik schuif het dan op al mân psychische klachten af. Terwijl iedereen natuurlijk gewoon zân zorgen heeft.
In het verlengde daarvan is smetvrees ook kei irritant voor anderen vermoed ik